| De oogkleppen zijn zo groot dat ze verhinderen dat het paard erover of eronderdoor kan kijken.Uiteindelijk dienen de oogkleppen ervoor te zorgen dat het paard geen schrikreactie vertoont voor onvoorziene bewegingen of voorwerpen, die zich achter het paard bevinden. Aan de bovenzijde van iedere oogklep is een windriempje bevestigd. Beide windriempjes lopen onder de frontriem door en komen in het midden van het voorhoofd samen in een stootuiteinde dat aan de kap van het kopstuk is vastgegespt. Deze windriempjes zorgen ervoor dat de oogkleppen onbeweeglijk in positie blijven. Daarom dienen ze vormvast gemaakt te zijn. Houdt de oogkleppen wel voldoende open zodat het vooruitzien goed mogelijk is en de oogleden niet geirriteerd worden. We kunnen verschillende vormen van oogkleppen onderscheiden:
De juiste plaatsing van de oogkleppen is zo, dat 1/3 van de oogklep zich boven het oog bevindt en 2/3 onder het oog. Vaak vindt men in het midden van de oogklep een versiering of garnituur. Bij meerspannen bevindt het garnituur op de oogkleppen van het hoofdstel zich aan de buitenzijde; bij een enkelspan aan beide zijden. Het garnituur kan een afbeelding zijn van bijvoorbeeld bv een monogram of initialen. | |
Copyright © 2003;2004;2005;2006;2007 Bert Jambon All rights Reserved.