![]() | Het kopstuk vormt het steunvlak van het hoofdstel achter de oren van het paard. Om voldoende steun te kunnen bieden dient het voldoende breed en stevig te zijn. Achter de oren mag het kopstuk de bewegingsvrijheid van de oren zeker niet hinderen. Vandaar dat het kopstuk best rond uitgesneden is achter de oren. Aan de stoten ( stoot = tuig-uiteinde waarin gaten aanwezig zijn waarin een gesp wordt vastgemaakt) aan de uiteinden van het kopstuk worden de bakstukken en de keelriem bevestigd.Deze stoten moeten lang genoeg zijn, zodat er verstelmogelijkheden zijn om enerzijds de bakstukken met de oogkleppen in de juiste positie te kunnen brengen en anderzijds om voldoende ruimte te bieden bij de bevestiging van de keelriem. In het midden van het kopstuk
bevindt zich een kap ( kap= tuig-uiteinde met een gesp) ter
bevestiging van de windriemjes. | |
Copyright © 2003;2004;2005;2006;2007 Bert Jambon All rights Reserved.