Het schofttuig

Het type aanspanning bepaalt welk type schofttuig het meest geschikt zal zijn omdat het uiterlijk van het schofttuig of schoftje afhankelijk van de gebruiksdoeleinden varieert.
Het schofttuigAan het enkelspan schofttuig kunnen we meestal de volgende onderdelen onderscheiden:

Bij een enkelspan heeft het schoftje vooral als functie de bevestiging en het dragen van de lamoenen (bij een vierwielig rijtuig) of de bomen (bij een tweewielig rijtuig).


Daarom onderscheiden we bij een schofttuig voor een tweewielig rijtuig "Hollandse lichtogen" en bij een schoftje voor een vierwielig rijtuig "brancardbeugels" waarin respectievelijk de bomen of lamoenen gebracht worden.


Bij een twee- of vierspan is de functie van het schoftje vooral het op de juiste hoogte bevestigen van de strengkap. Aan deze schofttuigen vinden we een stoot voor de strengkapdrager.

 

Naast het verschil tussen het schoftje gebruikt voor het enkelspan (tweewielig rijtuig of vierwielig rijtuig) en meerspan wordt het uiterlijk van het schoftje ook bepaald door het soort rijtuig.
Zo zullen schofttuigen bestemd voor lichte rijtuigen een lichtere en smallere uitvoering hebben dan die bestemd voor het gebruik van zware rijtuigen.

Het schofttuig hoort één handbreedte achter de schoft te liggen en er moet één handbreedte tussen de ellebogen en de binnensingel kunnen geplaatst worden zodat er geen irritaties en verwondingen kunnen optreden tijdens het bewegen.

Het schofttuig bij een tweewielig rijtuig

Bij een tweewielig rijtuig dient een schofttuig met beweeglijke draagriem en Hollands lichtoog gebruikt.

Schofttuig voor een tweewielerHet Hollands lichtoog bestaat uit een sterke leren lus, voorzien van een kap, waarmee het lichtoog aan de beweeglijke draagriem wordt bevestigd.

Deze draagriem moet gemakkelijk door het schofttuig kunnen bewegen. Zo kunnen de zijdelingse bewegingen van het rijtuig enigszins worden opgevangen waardoor de directe druk, uitgeoefend op de rug van het paard, vermindert en drukkingen voorkomen worden.

Let er wel op dat de losse draagriem voldoende verstelmogelijkheden heeft. Dit is noodzakelijk om de tweewieler goed in balans te kunnen brengen.

Aan het stootuiteinde van de draagriem wordt de buitensingel bevestigd.

Het schofttuig bestemd voor een tweewielig rijtuig is ook breder en heeft dikkere kussens dan een schofttuig bestemd voor een vierwielig rijtuig omdat bij een tweewielig rijtuig het gewicht van het rijtuig gedeeltelijk op de rug van het paard komt te rusten.

Subcategorieën